Succes ermee!

“Ben ik nou zo slecht, of is dit nou zo goed?”

Geschreven door Jeroen Coelen op 09 juni 2019 Leestijd: 2 minutes

Afgelopen week had ik plots een brok in mijn keel toen ik het slechte nieuws kreeg dat ik ben afgewezen voor een cabaretfestival. Geen halve finale. Ik had me zacht uitgedrukt nogal op die kans verheugd. Ik had stiekem al gefantaseerd over de springplank die het zou zijn naar meer bestaansrecht als cabaretier. Die strategie stortte plots ineen; ineens had ik noch huid, noch beer. Mijn ‘programma’ ging/gaat over de grote nadruk op succes van onze maatschappij, en dat dat wel wat minder mag. De ironie die het universum me toewerpt is mij zeker niet ontgaan.

Een aantal dagen na deze zeg maar gerust tegenvaller heeft diens kater zich vermengd met een alcoholische tot mijn huidige staat van zijn. Wellicht ben ik hierdoor prikkelbaarder. Ik wind me sowieso vaak op over de consumptiemaatschappij. Heel vaak houd ik dat voor me. Maar toen ik in deze staat deze advertentie tegenkwam brak ik.

Hier zou zomaar een paar duizend euro mee gemoeid kunnen zijn.

Een aardappelmerk dat dichter bij zijn klant wil komen. Er zijn dus marketeers die dit verkopen. Die dan lekker gaan brainstormen over de existentiële vraag: “Hoe zouden we de aardappel weer leuk kunnen maken?” Want die is zo saai geweest, het is niet te geloven, wat die aardappel heeft meegemaakt. Die heeft niet mee kunnen gaan met de Gameboy en de fax, hij staat sinds de introductie van de iPod standaard met 0–5 achter. “Zou het niet leuk zijn als mensen delen hoe ze aardappels maken?” Aardappelfabrikant: “Ja, dat is leuk. De relatie die mensen met hun aardappels hebben is nog niet intiem genoeg. Mensen willen dat ongetwijfeld delen.”

Ik zou nu kunnen concluderen: “Wat hebben we een lelijke maatschappij met bijbehorende markt gemaakt waarin dit wél bestaansrecht heeft en ík niet.” Want ik probeer dingen altijd in het grote geheel te verklaren. Hier klopt natuurlijk niks van. Dan doe ik namelijk die advertentie tekort — en flink. Je moet er maar op komen om de markt voor te schotelen wat ze altijd al prettig vinden om binnen te krijgen.

“Ben ik nou zo slecht, of is dit nou zo goed?”

Het is ook maar goed dat ik ben afgewezen. Als ik wel de halve finale had gehaald, had ik flink wat uit te leggen gehad. Het behaalde succes zou mijn boodschap aanzienlijk afzwakken. Misschien moet ik maar van geluk spreken

 3
 0

Lekker gelezen? Geef me een kudo! (gewoon klikken, geen login)


Lees ook over: