Iets om naar uit te kijken

Iets bijzonders aan het eind van de tunnel

Geschreven door Jeroen Coelen op 18 maart 2020 Leestijd: 4 minutes

Over 3 weken, of 3 maanden, of 12 maanden, of nog langer, niemand weet het. Maar dat er iets heel bijzonders gebeuren gaat staat vast. Nederland heeft dan lang op slot gezeten, slechts voorzien in primaire behoeftes van slapen, eten en een scheutje bestaanszekerheid door werk.

Maar we missen wat. We missen het sociale, het gezamenlijk drinken. De cafés gaan pas open als de groepsimmuniteit is bereikt. Zestig procent. Iedere avond zitten we aan de buis gekluisterd. Een cijfer is nog nooit zo belangrijk geweest. Het bruine bureau met Thorbecke op de achtergrond. Hoe ver zijn we? Rutte vertelt ons: dit was de eerste avond dat we over de 50% gaan. Illegale feesten om dit te vieren ontstaan, maar worden direct platgewalst door de politie. We moeten nog even geduld hebben. Mark Rutte spreekt ons toe en zegt dat we snel weer mogen. Dat we nog even moeten volhouden, de fantastische mensen die we zijn. We letten op elkaar, we steunen elkaar.

En dan is er plots een avond. Om 19:00 uur schakelt de camera van het torentje naar het bruine bureau. Rutte neemt weer plaats. We denken terug aan die tijd dat de eerste straffe maatregelen werden aangekondigd. Het noodpakket er achteraan. Het applaus voor de zorgwerkers, dat van wekelijks naar dagelijks evolueerde. De rayonhoofden van het RIVM hebben hun modellen gemasseerd. Onze minister-president kijkt door z’n bril diep in de camera, zoals hij dat zo goed kan. Hij spreekt de woorden: “We hebben 60% dekking gehaald. Vanaf nu, mogen alle horecagelegenheden weer open, en zullen we langzaam ons leven weer oppakken.” Niemand hoort ook maar een woord van de rest van de speech. Door mijn raam hoor ik lawaai. Ik trek het open en hoor door de hele straat gejuich. Gejuich omdat het ergste erop zit. Ik pink een traantje weg, het is een euforisch gevoel. Het voelt dubbel, in principe heb ik niks gedaan, maar dat was juist wat we moesten doen: helemaal niks.

De trappenhuizen vullen zich met mensen. Voordeuren poepen deze individuen gestaag weer uit. Straten vullen zich met cafégangers. Vanavond zijn het geen alcoholisten. Vanavond zijn het mensen die hun vrijheid komen vieren.

Men rent niet maar stapt toch zeker wel op goed tempo door. En dan die laatste hoek om. Je ziet je favoriete café. De deur is nog dicht. Een groep mensen staat te wachten, ongeduldig. High fives worden gegeven, knuffels worden gegeven aan vreemden. Het mag weer. We mogen weer aan dat sociale contact doen waar de mens zo'n intense behoefte aan heeft. Dan komt de kroegeigenaar aangesneld op haar fiets. De menigte juicht luid. Vanuit de woningen tegenover de kroeg worden we gefilmd. Dit is het tegenovergestelde idee van de rijen bij de coffeeshops. NOS knalt het op hun liveblog.

"Nog even wachten", roept de uitbater. “Over vijf minuten ga ik open.” Kinderen zijn we ineens. We staan te trappelen voor de waterglijbaan die onze slokdarm is. En dan zwieren de deuren open van het altaar voor de drank. Je kijkt naar binnen. De vloer kraakt bij iedere stap. Vier biertaps pronken als beschermengels over de toog. De sterke drank tegen een spiegel erachter is een rij Maria-beeldjes. Al snel roept iemand: “Het eerste rondje is voor mij”, waarna de hele kroeg joelt.

De mensen proppen naar binnen. Het tweede rondje wordt gegeven. Wederom gejoel. Iedereen waarvan ontdekt wordt dat hij of zij in de zorg werkt krijgt kussen van de omstanders. Het zijn de vrijheidsstrijders. Wat zijn we trots. Het ventiel van de afgelopen weken/maanden gaat blijkbaar open en man wat zat het dicht. Er is amper gespreksstof, want we hebben zo lang binnen gezeten, we beleefden niks en tegelijk beleefden we allemaal hetzelfde. We delen het gevoel dat we er weer uit mogen en dat is genoeg om deze avond te vullen.

We worden zachtjes aan dronken. Een man gooit zijn hoofd tegen de bel en roept: “Deze ronde is voor mij!” Ketslam dus. Troepeloeres zat. Er wordt gedanst, er wordt gezoend, er gaat flink geneukt worden. Een corona-boom. Heel de stad is high en er zit amper drugs in onze vaten, op de alcohol na dan. "Het wordt een nieuwe nationale feestdag”, roepen we al snel. Niemand weet hoe de avond eindigt. We weten alleen nog hoe het allemaal begon.

 138
 0

Lekker gelezen? Geef me een kudo! (gewoon klikken, geen login)


Lees ook: